Hedwig leidt een wat teruggetrokken bestaan in het noorden van het land, tussen veenmeren en rietlanden. Ze verdient haar inkomen met het redigeren van manuscripten en heeft een halfslachtige relatie met een schapenhouder. Als ze zich op een dag afvraagt hoe het komt dat ze het liefst zou verdwijnen, zou willen opgaan in het landschap, dringt tot haar door dat een gebeurtenis die ze al vijftien jaar probeert te vergeten haar leven nog altijd bepaalt. Het besef wakkert een krachtige woede aan, een woede die elk moment tot uitbarsting kan komen.Zonder de poëtische schoonheid van het veenlandschap uit het oog te verliezen, vertelt Lidewey van Noord in deze vlijmscherpe roman een verhaal dat de lezer genadeloos meesleurt en niet meer laat ontsnappen.‘Subtiel en meeslepend: gaat dat wel samen? Ja! Dit is een absoluut puntgave debuutroman.’ – Pauline Slot‘Lidewey van Noord is een groot schrijfster. Onontkoombaar. De lezer wordt de bladzijden ingetrokken en kan er pas na de laatste regel weer uit. Wat een geweldig boek.’ – Hans Dorrestijn