Gebaseerd op een waargebeurd Marokkaans-Nederlands Liefdesverhaal
Omschrijving
Wanneer liefde botst met familie, cultuur, trauma en mentale gezondheid
Het is koud buiten, maar ik heb het warm van het winkel hoppen.
Ik houd mijn sjaal en muts vast in mijn handen. We lopen over de Dam waar een gigantische kerstboom staat met wel duizenden lichtjes. Het is magisch. Wanneer wij door de Kalverstraat en daarna de Leidsestraat lopen, vang ik een glimps op van mijn favoriete huisjes aan de Herengracht, de Keizersgracht en de Prinsengracht. Het lijken wel poppenhuisjes. Dan trek ik aan mijn moeders jas en vraag, 'Mama wie woont hier?' en wijs naar de straat vol tegen elkaar aangedrukte en scheefstaande grach-tenpandjes. 'Elkhab' (hoeren), antwoordt ze kort. 'Die wonen toch in de rode huisjes?' vraag ik. Ik haal mijn schouders op, 'Ik wil hier wonen als ik groot ben.' Mijn moeder schudt haar hoofd, en zegt 'Hna saknin ghir hollandien li advocaat, 3andom floes.' (Hier wonen alleen Hollanders die advocaat zijn met veel geld).
Ik kijk bedenkelijk naar de huisjes. 'Dan word ik, als ik groot ben,
de eerste Marokkaan die aan de gracht woont.'
De lichtjes die branden weerspiegelen in het grachtenwater.
Het is nog altijd net zo mooi als de dag dat ik hier als kind met
mijn moeder liep, bedenk ik mij terwijl ik uit het raam staar.
Soms komen dromen echt uit, maar nachtmerries ook, denk ik wanneer ik naar mijn man kijk die zijn jas en schoenen aantrekt om naar buiten te gaan.