Dit boek onderzoekt hoe betekenis ontstaat in gebruik en hoe het ‘ik’ zich vormt binnen taalspelen in de ruimste zin. Vertrekkend vanuit de onmogelijkheid van een context-onafhankelijk metaniveau, verbindt het filosofische reflectie met inzichten uit wetenschap: van ruimte en tijd tot evolutie en neurowetenschap. Zo ontvouwt zich een samenhangend perspectief waarin taal, kennis en subjectiviteit niet worden gefundeerd buiten hun praktijk, maar erin worden begrepen.
Dit boek begint niet bij een theorie, maar bij een ervaring: dat betekenis zich pas toont in gebruik, en dat elke definitie al spreekt vóór zij verklaart. Vanuit dat besef werd het onmogelijk nog te geloven in een plaats buiten de taal, vanwaar het ‘ik’ — of de taal zelf — zou kunnen worden gefundeerd.
Ik heb een vraag over het boek:
‘De ondefinieerbaarheid van taal - van der Loo, Wim’.
Vul het onderstaande formulier in.
We zullen zo spoedig mogelijk antwoorden.