Haat is er altijd, soms openlijk, soms verscholen. Zowel Sigmund Freud als Melanie Klein hebben duidelijk gemaakt dat haat in elke betekenisvolle relatie een belangrijke rol speelt. Haat wordt gedefinieerd als een blijvende, intense antipathie gepaard aan walging, afschuw en minachting als gevolg van aangedaan leed.De hater raakt gepreoccupeerd met de gehate persoon of groep. Zo heeft haat een sterke impact op de samenleving en de maatschappij is op haar beurt van invloed op het ontstaan ervan. In kleiner verband kunnen we ons afvragen hoe haat naar het eigen lichaam te begrijpen is, en wat motieven van ouders zijn om hun kind te haten.Mensen die vast zijn komen te zitten in haat, kunnen in een behandeling in contact komen met vitale woede en daarmee meer keuzevrijheid ervaren. De therapeut kan gehaat worden, maar de eigen haat die gevoeld kan worden in de tegenoverdracht wordt frequent verdrongen. De weggehouden haatgevoelens hebben een negatief effect op de therapeutische relatie. Derhalve verdient het, hoe ongewenst ook, onze volle aandacht.
Ik heb een vraag over het boek:
'Haat - '.
Vul het onderstaande formulier in.
We zullen zo spoedig mogelijk antwoorden.
Wij respecteren je privacy
We gebruiken cookies om bezoek te meten, Boekstra te verbeteren en om advertenties van Google op je interesses af te stemmen. Je kunt de site hoe dan ook gewoon blijven gebruiken — ook als je weigert. Meer info