Kerk, overheid en carnaval van nieuwe naar moderne tijd
Omschrijving
De zotheid is een trouwe vriend van de mens door de eeuwen heen. Vooral tijdens het carnavalsfeest verlicht hij ons bestaan, hoewel de deugniet gelijktijdig zijn best doet onze vreugde in de richting van chaos te duwen. De verrukkelijke dwaasheid heeft een beangstigend trekje.
Kerk en stedelijke overheden namen daarom in het verleden een tweeslachtige houding in ten aanzien van carnaval. Vaak kreeg het zottenfeest meer tegenwerking dan medewerking. Op zijn best wilden kerk én overheid het carnaval gedogen, maar de verschillen waren lokaal groot: terwijl de clerus het carnaval in één plaats liet gaan zoals het ging, werd het elders zelotisch tegengewerkt.
Pas rond 1900 ontving carnaval meer begrip van kerk en overheid. Het volksfeest kreeg meer ruimte, hoewel de verschillen van plaats tot plaats groot bleven. In Tilburg hield het verzet het langst stand. Pas in 1965 stond het Tilburgse bestuur het openbare carnaval toe. Tot die tijd moesten de Tilburgers in de kroeg of in de huiskamer hun carnaval vieren, als de avond viel, haast stiekem, achter de gordijnen. Introductie 7
Geliefd en verguisd 11
Twee visies 21
interview | ‘Wij hebben maar één jong leven’ 32
De nar verguisd 38
Verboden te lachen 45
De gevaarlijke dagen van het jaar 51
Na de oorlog 66
interview | ‘Cultuur is geen dictatuur’ 76
‘God spare Tilburg’ 80
Deo gratias 98
Een kleine revolutie 113
interview | ‘Ons geloof thuis was RK-light’ 124
fotoverslag bert van voorst | Het getal der zotten 129
Literatuur 158
Illustratieverantwoording 184
Register 185
Ik heb een vraag over het boek:
‘Het getal der zotten is oneindig - Voorst, André van’.
Vul het onderstaande formulier in.
We zullen zo spoedig mogelijk antwoorden.