Als Kit op de dag van haar pensionering merkt dat in Nederland het nationalisme toeneemt, denkt ze terug aan de dag waarop struikelstenen werden gelegd voor het huis waar haar grootvader en oom werden gearresteerd. Ze weet maar weinig over hen, omdat ze nooit antwoord kreeg als ze vragen stelde over de tragedie en summiere antwoorden als ze vroeg hoe haar ouders elkaar leerden kennen. Ze besluit de geschiedenis van haar grootvader, oom, vader en moeder tijdens de Tweede Wereldoorlog te ontrafelen en ontdekt een verhaal over dromen, verraad, verschrikkingen, keuzes en onverwachte liefde.
Tijdens een schrijfretraite met een groep schrijvers stelde Irina een vraag aan de deelnemers: ‘Waarom zou iemand in vredesnaam dit boek kopen?’
Geen van hen had ooit van Neuengamme gehoord, een kamp waar 55.000 mensen de ontberingen, zoals epidemieën en gebrek aan voedsel, niet hebben overleefd. Unaniem was het antwoord: ‘Omdat zulke verhalen verteld moeten worden.’